De revanche van Sjostakovitsj

Sjostakovitsj en het groteske, Alisa Poret 2006 is niet alleen het Mozartjaar, het is ook het jaar van Schumann (die in 1856 overleed) en Sjostakovitsj (geboren in 1906). Kurt Masur wil deze componisten huldigen met één belangrijke symfonie van elk van hen. Een programma vol contrasten, van het romantische universum van Schumann tot de scherpe, met sarcasme gekleurde lyriek van Sjostakovitsj.

Op 28 januari 1936 publiceerde de Russische partijkrant Pravda een anoniem editoriaal, waarin Sjostakovitsj’ opera ‘De Lady Macbeth van Mtsensk‘ genadeloos werd afgemaakt als “chaos in de plaats van muziek”. De tekst behoort tot de vulgairste en schandelijkste documenten uit de muziekgeschiedenis. De componist kreeg de niet mis te verstane waarschuwing dat zijn werk “een zinloos spel” was “dat wel eens slecht kon aflopen”.
Nochtans was deze opera al in 1934 in Leningrad in première gegaan en had hij twee jaar lang enorme successen beleefd, tot in New York toe. De officiële veroordeling kwam er pas na een bezoek van Stalin aan de bewuste opera in januari 1936.

Via de in 1932 opgerichte Componistenbond oefende de communistische partijtop een totale controle uit op al wat er in Rusland aan muziek werd geproduceerd en uitgevoerd. Aanvankelijk bood de bond nog enige vorm van bescherming, maar vanaf 1936 waren de componisten/muzikanten totaal uitgeleverd aan de dictatoriale willekeur van de partijtop.

Met de aanval op Sjostakovitsj demonstreerde het regime dat zelfs de meest succesrijke componist niet boven de richtlijnen van de Partij stond. De Componistenbond keerde zich unaniem tegen Sjostakovitsj. De discussiesessies werden regelrechte lastercampagnes en gelegenheden voor concurrenten om hun jaloezie op het fenomenale succes van Sjostakovitsj af te reageren. In dezelfde periode zag Sjostakovitsj, zoals zo velen van zijn landgenoten, vrienden, kennissen en familieleden na arrestatie verdwijnen. Onder de kunstenaars verdween bijvoorbeeld de regisseur Vsevolod Meyerhold, een van de weinigen die het hadden aangedurfd Sjostakovitsj in het openbaar te verdedigen. Maarschalk Toechatsjevski, die de carrière van Sjostakovitsj had gesteund sinds 1925 en bij wie Sjostakovitsj opnieuw hulp zocht, werd zelf het slachtoffer van de terreur. Ook zijn schoonmoeder Sofia Varzar werd naar de Goelag gestuurd.
In die extreme omstandigheden hield de muziek Sjostakovitsj overeind. Toen op 21 november 1937 zijn Vijfde Symfonie in première ging, nam het regime de gelegenheid te baat om munt te slaan uit het ongeziene succes van het werk. De Partij onderstreepte zijn eigen rol in de artistieke groei van Sjostakovitsj en demonstreerde dat het regime zowel kon slaan als zalven.

De Sovjetmachthebbers waren tevreden met de vijfde symfonie van Dimitri Sjostakovitsj en hij werd weer liefdevol in de communistische armen gesloten. Het publiek dat bij de première aanwezig was, wist dat het anders zat. Nadat de laatste noten waren weggestorven, applaudisseerde het een uur lang. De mensen waren opgewonden en liepen tot ’s ochtends vroeg op straat om elkaar te feliciteren met het feit dat ze deze gebeurtenis hadden mogen bijwonen. Alleen al om deze tegenstrijdigheid is het enorm interessant om kennis maken Sjostakovitsj’ Vijfde.

Het werk is geschreven in 1937, toen Stalin al met harde hand regeerde en het culturele leven in de Sovjetunie in een ijzeren greep had. De eerste uitvoering ervan vond plaats in Leningrad, ter ere van de twintigste verjaardag van de Oktoberrevolutie. Na de uitvoering waren de machthebbers ervan overtuigd dat de soms weerbarstige en eigenzinnige Sjostakovitsj zich nu weer volledig naar de normen van hun muzikale opvattingen dus ook aan die van de Sovjetstaat had geplooid. Maar blijkbaar hadden ze toch niet al te goed geluisterd. Sjostakovitsj zelf zei later over de finale van zijn werk; “Er was toch geen enkele reden om te juichen…dit is geen apotheose. Je moet wel een complete idioot zijn om dat niet te horen”. Het publiek had het dus kennelijk wèl gehoord. Ook in het Westen werd de Symfonie enthousiast ontvangen. Sinds de creatie van het werk wordt het beschouwd als een van Sjostakovitsj belangrijkste composities en werd/wordt het overal ter wereld en door de meest gerenommeerde orkesten uitgevoerd.

Programma:

London Philharmonic Orchestra Ensemble o.l.v Kurt Masur
  • Robert Schumann: Symfonie nr. 4, op. 120
  • Dmitri Sjostakovitsj: Symfonie nr. 5, op. 47
Tijd en plaats van het gebeuren:

Woensdag 18 oktober 2006 om 20.00 u (met inleiding door Yves Knockaert)
Paleis voor Schone Kunsten – Henry Le Boeufzaal
Ravensteinstraat 23
1000 Brussel

Meer info : www.bozar.be en www.lpo.co.uk

Extra : ‘Leven en werk van Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975)‘, T.Claerhout op www.liberales.be